Op 8 januari 2026 overleed Astrid Heligonda Roemer in Paramaribo, Suriname. Ze werd 78. Romers leven kan op z’n minst boeiend en tumultueus genoemd worden. Na de middelbare school volgde ze een onderwijzersopleiding. Toen haar ouders een liefdesrelatie met de veertien jaar oudere directeur van de school afkeurden, vertrok ze in augustus 1966 naar Nederland. Na voltooiing van haar opleiding keerde ze terug naar haar vaderland en ging als onderwijzeres werken. Nadat ze een tijd afwisselend in Suriname en Nederland had gewoond, vestigde ze zich in 1975 in Den Haag. Ze gaf onder andere Nederlands op een middelbare school. In 1989 stelde Roemer zich verkiesbaar voor de Tweede Kamer op de lijst van GroenLinks. Ze werd niet gekozen. In 1994 keerde ze zich af van de politiek. Roemer koos bewust voor het alleen-zijn, vooral om te kunnen schrijven. Over dat schrijven zei ze eens tijdens een interview (Utrechts Nieuwsblad, 10 januari 1985): ‘als ik schrijf, ben ik geen man, geen vrouw, geen blanke, geen zwarte, maar scheppend mens. En als zodanig wil ik gewaardeerd worden’.
In 2016 kreeg Roemer de P.C. Hooftprijs. In 2021 werd haar de Prijs der Nederlandse Letteren toegekend. Uit het juryrapport: ‘Met haar romans, toneelteksten en gedichten bekleedt Roemer een unieke positie in het Nederlandstalige literatuurlandschap. Haar werk is onconventioneel, poëtisch en experimenteel en slaagt erin de recente grote geschiedenis en haar thema’s (corruptie, spanning, schuld, kolonisatie en dekolonisatie) aan de kleine geschiedenis te verbinden.’ De uitreiking van de prijs werd echter gecanceld omdat Roemer de Surinaamse dictator Desi Bouterse had verdedigd op Facebook en Twitter. Die voormalige president van Suriname was kort daarvoor veroordeeld voor de ‘decembermoorden’, de moord op 15 intellectuele opponenten in 1982. Roemer, woonde de laatste periode van haar leven in Paramaribo. In 2025 stond ze met de Engelse vertaling van 'Over de gekte van een vrouw' op de longlist van de internationaal vermaarde International Booker Prize. De uitgeverij van Roemer, Prometheus, benadrukte terecht in een Facebookbericht over haar overlijden dat haar werk ook internationaal erkenning vindt: “Astrid Roemer laat een literaire nalatenschap na die van blijvende betekenis is voor de Nederlandse literatuur, het Caribisch gebied en Suriname. Haar werk zal zowel nationaal als internationaal groots gewaardeerd, gelezen, bestudeerd en besproken blijven worden.”
In haar boek Liefde in tijden van gebrek (2016) schreef Roemer: ‘Laat literatuur doen met ons wat misschien alleen woorden kunnen: raken, openbreken, verbrijzelen. Vergeet de auteur desnoods’ (p. 217). De ondertitel van dit boek is niet toevallig ‘memoires van een thuisloze’.
José Vandekerckhove
Foto door Raúl Neijhorst