In het voorjaar van 2026 bracht Jeroen Janssen Halfweg tussen reizen en thuiskomen uit. De ‘traagste journalist van België’ kreeg bovendien in Expo Tweebronnen een tentoonstelling naar aanleiding van deze publicatie. Net zoals Jeroens vorige titels Abadaringi, Doel, Mijn kameraad Che Guevara en Landloos als de wind is dit beeldverhaal een reportage waarin hij woord en beeld op elkaar laat inwerken om een thema – ‘thuis’ in dit geval – op een genuanceerde manier te belichten. Dit levert knappe portretten op die een diepgaand beeld geven van mensen en hun omgeving.
In oktober verschenen Samir en De wachtkamer van Europa, twee beeldverhalen die Eisner-winnares Aimée de Jongh maakte naar aanleiding van haar bezoeken aan een vluchtelingenkamp op Lesbos. Graphic journalism is internationaal al lang geen klein genre meer; ook in Vlaanderen en Nederland groeit het uit tot een volwaardige afdeling binnen de journalistiek.
Graphic journalism
Bij deze vorm van journalistiek worden tekeningen en teksten met elkaar verweven. De kracht van deze combinatie gaat verder dan het illustratieve: beide media vullen elkaar aan en werken op elkaar in om een thema of persoon op een gelaagde manier in beeld te brengen.
Een opvallend kenmerk hierbij is traagheid, zeker wanneer we dit vergelijken met documentaire films of tv-reportages. Juist door de vertraging wordt een maker gedwongen om op een andere en diepere manier naar het onderwerp te kijken. Er ontstaat ruimte om te focussen op specifieke details, elementen in de achtergrond of zaken in de marge die bij een filmopname vaak verloren gaan of pas achteraf opvallen.
Bovendien is de relatie tussen de journalist en het onderwerp in graphic journalism directer. Omdat er geen camera of opnameapparaat tussen de maker en de geportretteerde staat, verdwijnt de barrière die een lens opwerpt. Vaak gaan mensen zich door een fototoestel of camera immers heel bewust zijn van de registratie waardoor ze zich anders tonen. Ook kan een tekenaar op plaatsen komen waar fotograferen niet mag of kan hij situaties achteraf in beeld brengen, een snelle schets later gedetailleerd uitwerken of in een ander materiaal opnieuw maken.
Voor de toeschouwer leveren deze reportages een wezenlijk andere ervaring op dan films of foto’s. Niet alleen de inhoud doet nadenken, ook de manier waarop een tekenaar iets weergeeft (fotorealistisch, cartoonesk, al dan niet in kleur…) heeft een sterke invloed op hoe we het onderwerp beleven. Beeldverhalen zijn bovendien meerstemmig: op één pagina zullen verschillende beelden tegelijkertijd worden getoond, terwijl bij foto’s één beeld vaak symbool wordt voor een bepaalde gebeurtenis. In een beeldverhaal zit dat moment daarentegen altijd ingebed in een context.
Tekeningen hebben voor lezers ook een ondersteunende waarde. Ze helpen om het onderwerp te visualiseren en maken een context concreet en tastbaar. Graphic journalism gaat ook vaak over de zoektocht van een maker in de weergave van een bepaalde persoon of thema met daarbij horende vragen over eerlijkheid en over wat wel en niet kan in het tonen van een situatie. Hier heeft het medium veel gelijkenissen met de manier waarop podcastreeksen een onderwerp uitdiepen en tegelijkertijd reflecteren op de afgelegde weg.
Lessuggesties
1. Laat leerlingen één persoon uit de reportage uitkiezen die ze in detail beschrijven. Ze stellen een korte steekkaart op: hoe staat hij/zij tegenover het thema van het boek, de maatschappij, politici, mensen uit het buitenland, mensen in de directe omgeving? Vraag leerlingen ook om van de gekozen persoon één typerende uitspraak te vermelden. Vraag hun vervolgens om na te gaan hoe de maker van de reportage tegenover deze persoon staat. Hoe zien ze dit in de tekeningen? Wat kunnen ze afleiden uit de tekst?
2. Over de onderwerpen die in graphic journalism aan bod komen, kun je leerlingen ook een documentaire (kort)film laten opzoeken. Laat hen deze bekijken en vraag hen welke gelijkenissen en verschillen ze opmerken. Hoe heeft de manier waarop de maker met het onderwerp omgaat en vragen stelt een invloed op het einderesultaat? Welke mediumspecifieke aspecten zorgen voor een bepaalde ervaring bij de lezers/kijker?
3. Leerlingen denken in duo na over het verschil tussen een persoon en een personage. Wat is het verschil tussen een mens in de werkelijkheid en dezelfde persoon wanneer deze in een documentair beeldverhaal aan bod komt.
4. Laat leerlingen een overzicht maken van welke informatie ze uit de tekst halen over een bepaald onderwerp en welke informatie ze uit de tekeningen afleiden. Hoe spelen beide media op elkaar in? Wat is de meerwaarde van de combinatie?
Enkele titels
In Pyongyang geeft Guy Delisle een verslag van zijn verblijf in de Noord-Koreaanse hoofdstad. Centraal staat de beklemmende sfeer van een stad met lege plaatsen, bange mensen en propaganda. Delisle focust op de gevolgen van het regime op het alledaagse leven.
Drawing the Times is een internationaal online platform voor graphic journalism. Leerlingen vinden hier reportages, projecten rond specifieke onderwerpen of experimenten van hedendaagse makers. Samen met Judith Vanistendael werkte oprichtster en bezielster Eva Hilhorst ook aan een manifest rond klimaatverandering en graphic storytelling: the Window Comic project, waarbij ze tekenaars vroegen om klimaatverandering wereldwijd zichtbaar te maken.
Samen met illustrator Caryl Strzelecki maakte Rudi Vranckx drie sterke beeldverhalen op basis van zijn ervaringen in het Midden-Oosten. Elk boek is gebaseerd op waargebeurde verhalen van mensen die hij op zijn vele reizen tegenkwam. De Gierenclub vertelt over de start van de Arabische Lente in Tunesië, Egypte en Syrië. Vranckx geeft een beeld van chaos en geweld, maar ook van hoop op verandering. In dit beeldverhaal krijg je een inkijk in het leven van verslaggevers in oorlogsgebieden. Interessant is ook dat Caryl en Rudi tussen de verhalen gesprekken weergeven waarin ze samen reflecteren op hoe de gebeurtenissen in beeld worden gebracht. Verloren is dan weer een bundeling van scènes uit het leven van vluchtelingen. Rudi Vranckx brengt portretten in beeld van mensen die alles achterlieten en op tocht vertrokken om hun situatie te ontvluchten.
Joe Sacco wordt traditioneel genoemd als de grondlegger van stripjournalistiek zoals we die vandaag kennen. In Palestine documenteert hij zijn ervaringen op de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook in de jaren '90. Sacco brengt zichzelf in dit verhaal in beeld, wat boeiende vragen oplevert over wat de invloed is van een journalist die in beeld komt én de manier waarop dit gebeurt.
Gino Bombeke